Nieuwe Charter voor het aardrijkskundeonderwijs

18 oktober 2016
Auteurs:
Joop van der Schee
emeritus hoogleraar onderwijsgeografie
onderwijs
Nieuws
ondertekening document
FOTO: A.BIRKAN ÇAGHAN/FLICKR

Hoe zorg je ervoor dat iedereen toegang heeft tot goed aardrijkskundeonderwijs? Hoe bestrijd je geografische ongeletterdheid? Dat zijn vragen waar de onderwijscommissie van de internationale gemeenschap van geografen, verenigd in de International Geographical Union (IGU), zich mee bezig houdt.

 

Vijfentwintig jaar geleden publiceerde deze commissie een Charter met daarin de belangrijkste aandachtspunten voor goed aardrijkskundeonderwijs. Inmiddels is deze Charter niet meer helemaal bij de tijd. Er staat bijvoorbeeld niets in over digitale kaarten en GIS. Die waren 25 jaar geleden immers pas net in opkomst. Ook is de oude Charter niet erg overzichtelijk. Tijd dus voor iets nieuws. Een tekst die compacter en moderner is en ook beter bruikbaar voor beleidsmakers. Het meest opvallend is dat de nieuwe Charter vijf actiepunten bevat:

 

  1. Beleidsmakers op nationaal en lokaal niveau en aardrijkskundeleraren moeten de bijdrage van aardrijkskundeonderwijs aan de samenleving meer expliciet maken om te stimuleren dat er meer steun komt voor een goede positie van aardrijkskunde in het curriculum.
  2. Beleidsmakers op nationaal en lokaal niveau moeten minimumeisen opstellen waaraan aardrijkskundeonderwijs en de geografische geletterdheid van degenen die aardrijkskunde geven moeten voldoen.
  3. Beleidsmakers op nationaal en lokaal niveau en verenigingen van aardrijkskundeleraren moeten de (inter)nationale uitwisseling van betekenisvol aardrijkskundeonderwijs stimuleren.
  4. Beleidsmakers op nationaal en lokaal niveau en de aardrijkundige gemeenschap moeten een voor het aardrijkskundeonderwijs relevante onderzoekagenda opstellen en onderzoek faciliteren dat helpt aardrijkskundeonderwijs verder te ontwikkelen.
  5. Beleidsmakers op nationaal en lokaal niveau en (verenigingen van) aardrijkskundeleraren moeten een sterk professioneel netwerk opzetten.

Die actiepunten zijn hard nodig want de positie van het aardrijkskundeonderwijs is in veel landen zwak. Landen kunnen van elkaar leren en elkaar ondersteunen bij het opzetten van beter aardrijkskundeonderwijs. Want ook al zijn de verschillen tussen landen groot, elk kind heeft recht op het beste aardrijkskundeonderwijs dat er is, zo stelt de nieuwe Charter.

Onlangs ondertekende Vladimir Kolosov, president van de International Geographical Union (IGU) de nieuwe internationale Charter voor het aardrijkskundeonderwijs. De nieuwe Charter wijst beleidsmakers op het belang van goed aardrijkskundeonderwijs en geeft leerplanontwikkelaars en leraren aardrijkskunde een steuntje in de rug.

Daniela Schmeinck
FOTO: DANIELA SCHMEINCK
Ondertekening van nieuwe Charter door IGU president Kolosov op 24 augustus 2016 in Beijing

Wie de nieuwe Charter leest zal zich wellicht verbazen over het feit dat een aantal zaken niet wat concreter zijn uitgewerkt. Dat verder concretiseren is niet mogelijk, want de tekst moet te gebruiken zijn in alle landen en dus ruimte laten voor nogal uiteenlopende contexten. Op de website www.igu-cge.org is de nieuwe Charter in zijn geheel te zien. Op deze website zijn wél allerlei concrete aanwijzingen te vinden voor goed aardrijkskundeonderwijs.