Boeken 2025 | 3
Pas verschenen
- Van Calmhout, M. Niet normaal. Natuurgeweld in een opwarmende wereld. Uitgeverij Lias, 112 p., € 18,50.
Journalistiek essay van Martijn van Calmhout (de Volkskrant) over het nieuwe vakgebied van de klimaatattributie. Centrale vraag: in hoeverre leidt klimaatopwarming tot meer frequente en intensere natuurgevaren zoals extreme droogte, stortbuien, hitte, overstromingen, stormen en natuurbranden? Of gaat het toch gewoon om grillig weer? Helder geschreven, ook bruikbaar voor docenten. Conclusie: hoe warmer de wereld, des te meer natuurgevaren. Het zijn hazards, aldus de geograaf in navolging van wijlen Pim Beukenkamp, die in een steeds vollere mensenwereld rampen (natural disasters) worden.
- Landis, J.D. (red.). Megaprojects for Megacities. A Comparative Casebook. Edward Elgar, 588 p., £ 38-47 (paperback).
Ook in Nederland trad hij op als expert, toen in de politiek grote twijfels bestonden over de zin van bijvoorbeeld de Betuwelijn: de Deense geograaf Bent Flyvbjerg. Bekend is zijn ‘ijzeren wet van megaprojecten’. Ze kosten meer dan begroot, worden later opgeleverd dan beloofd en worden na voltooiing minder gebruikt dan berekend. Toch beginnen grote steden er steeds opnieuw aan. Deze bundel bevat 26 casestudies, uit China, Berlijn, Hamburg, Londen, Singapore, Seattle en elders. De introductie, waarin John Landis zich verhoudt tot Flyvbjerg, is open access beschikbaar op de site van de uitgever. Werd eerder, in 2022, uitgegeven als dure hardback.
- Dombroski, K., Goodwin, M., Qian, J., Williams, A., & Cloke, P. (eds.). Introducing Human Geographies. Fourth Edition. Routledge, 1080 p., £ 50 (paperback).
Mammoet-leerboek voor beginnende studenten sociale geografie. In 73 hoofdstukken, ruim 1000 pagina’s, wordt een overzicht gegeven van de hedendaagse academische sociale geografie-in-meervoud. Na een inleiding zijn er delen over de fundamenten (grondbegrippen als schaal en landschap), specialisaties (gebieden, culturele, economische, ecologische, politieke en sociologische geografie) en – het meest origineel – samenwerkingen over de disciplinaire grenzen heen, met Antropoceen, technologie en rechtvaardigheid. Neem zelf een kijkje: de eerste 100 pagina’s staan op www.routledge.com.
Signalementen
Afscheid van peasants
- Joyce, P. Boerencultuur. Hoe het platteland verdwijnt uit onze herinnering. De Arbeiderspers, 440 p., € 30.
Tal van geografen hebben het genre de vie in traditionele agrarische regio’s beschreven en soms ook laten zien hoe die leefwijze geheel of gedeeltelijk verloren ging of in elk geval werd aangepast aan de moderne tijd. Een klassieker in dit genre, maar voor een breed publiek, is Hoe God verdween uit Jorwerd. Daarin doet Geert Mak verslag van de naoorlogse modernisering van een Fries boerendorp. De ambities van Patrick Joyce, van Ierse komaf en emeritus hoogleraar sociale geschiedenis in Manchester, reiken verder. Zijn Boerencultuur bespreekt niet een specifiek gebied of dorp, maar presenteert een brede geschiedenis van peasant-culturen in Europa vanaf de 19e eeuw, van hun (bijna-)ondergang in de afgelopen decennia en van de manieren waarop wij ons tegenwoordig die culturen herinneren, bijvoorbeeld in openluchtmusea. Joyce kiest wel voor regionale accenten. Veel belangstelling heeft hij voor West-Ierland (met aandacht voor zijn familiegeschiedenis) en Zuid-Polen. Ook de boerenculturen in Zuid-Italië en Spanje komen aan bod door gebruik te maken van studies van collega-historici en boeken als Christus kwam niet verder dan Eboli. Nederland ontbreekt geheel. Stilistisch, qua compositie en leesbaarheid kan Joyce niet tippen aan Mak – mede omdat eenheid van plaats ontbreekt. In Boerencultuur is een academisch historicus aan het woord, niet zoals in Jorwerd de dorpelingen.
Achterlanden als periferie
- Gupta, P., Nuttall, S., Peeren, E., & Stuit, H. (eds.). Planetary Hinterlands. Extraction, Abandonment and Care. Palgrave Macmillan, 341 p., open access.
In de jaren 1960 werd de Tryweryn River in Noord-Wales afgedamd. Het waterreservoir dat zo ontstond, verzwolg het gehucht Capel Celyn. Het meer moest Liverpool van water voorzien. De dorpelingen noch de bestuurders hadden wat in te brengen; de Engelse havenstad wenste water en dat kwam er dus. De lokale protesten waren fel, maar tevergeefs. Op de langere termijn brachten de gebeurtenissen wel een Welsh emancipatieproces op gang. Uiteindelijk werd er macht overgeheveld van Londen naar Wales. Documentaires en een tv-serie over de ondergang van Capel Celyn stelden de scheve machtsverhoudingen en de culturele vernietiging (in het dorp was Welsh nog de voertaal) aan de kaak. De dam werd een plek van verzet. Zo demonstreerden honderden streekbewoners in 2021 tegen de opkoop door Engelsen van huizen om ze als tweede woning te gebruiken. Eerder al had de gemeenteraad van Liverpool haar excuses aangeboden.
‘Nooit meer Capel Celyn’ werd een symbool van de strijd tegen een haast koloniale macht. Wikipedia heeft er een informatief lemma over (Tryweryn Flooding) en ook Kate Woodward wijdt er een bijdrage aan in Planetary Hinterlands; voor haar is het platteland van Noord-Wales deel van Liverpools achterland. De bundel is gewijd aan hinterlands, ook buiten Europa. De redacteuren nemen deze term over van de Schotse economisch geograaf G.G. Chisholm, die deze in 1888 introduceerde (of eigenlijk ontleende aan het Duits) om het achterland van (zee)havens aan te duiden. Economisch geografen bestuderen sindsdien goederenstromen tussen haven en achterland, de concurrentie van havens om het zelfde achterland en de afbakening van achterlanden.
In Planetary Hinterlands ligt daarop niet het accent. De auteurs zijn geen geografen, maar komen uit de hoek van de geschiedenis en humaniora. Dat wordt zichtbaar in het ontbreken van kaarten (jammer) en de ruime aandacht voor romans en films die het hinterland tot onderwerp hebben. Daarin wordt hinterland niet als een neutrale term gezien, zoals bij Chisholm, maar krijgt het de beladen connotatie van periferie of wingewest. Hinterlands zijn leveranciers van water, energie, landbouwproducten, ertsen, bouwstoffen (Noord-Wales was bijvoorbeeld ook een plek waar op grote schaal leisteen werd gewonnen) en ze zijn ontvangers van afval (zoals plastic) uit de grote steden. Ook hebben de auteurs aandacht voor leefwerelden en protesten in hinterlands en voor ecologie. In een interview in de Volkskrant, 25 mei 2024, ziet redacteur Esther Peeren achterlanden in verzet komen tegen de grote stad: boeren die protesteren, burgers die op de BBB stemmen. Zij en haar collega Hanneke Stuit (beiden zijn cultuuranalytici aan de UvA) plaatsen hinterland-studies in hun inleiding binnen de context van kapitalisme, kolonialisme en klimaat.
Gentrificatie rondom de kernstad
- Booi, H. Staying in the City or Moving to the Suburbs. Changes and Variations in Residential Mobility and Impact on Metropolitan Areas. Proefschrift UvA, 144 p., open access op internet.
In de jaren 1970-1980 leden steden onder suburbanisatie. Huishoudens verlieten massaal de kernstad voor een woning in het ommeland. Deze ‘residentiële suburbanisatie’ werd uitvoerig bestudeerd door Oedzge Atzema in zijn dissertatie Stad uit, stad in (1991). In de decennia daarna won de stad weer aan inwonertal. Vaak is dat verklaard uit veranderende woonpreferenties. Hester Booi maakt in haar proefschrift Staying in the City or Moving to the Suburbs echter aannemelijk dat niet zo zeer die preferenties veranderden als wel de samenstelling van de bevolking. Het aantal hoogopgeleide jongeren nam sterk toe en zij hebben van oudsher een (groot)stedelijke woonvoorkeur. Amsterdam is voor hen bij uitstek the place to be. Wat wel verandert: het vertrek van huishoudens uit Amsterdam naar andere gemeenten in de metropoolregio stijgt weer. Tussen 2012 en 2022 verdubbelde de uitstroom. Maar anders dan in de vorige eeuw blijft ook de centrale stad in inwonertal groeien.
Hester Booi is verbonden aan de afdeling Onderzoek & Statistiek van de gemeente Amsterdam en kreeg toestemming om een dag in de week bij de UvA aan haar proefschrift te werken. Zij analyseerde met geavanceerde statistische technieken data afkomstig uit de enquête ‘Wonen in Amsterdam’ (woonvoorkeuren) en microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek over feitelijk verhuisgedrag van huishoudens in de metropoolregio Amsterdam in de eerste twee decennia van de 21e eeuw. Booi laat onder meer zien dat gezinnen met hoog opgeleide ouders en jonge kinderen uiteindelijk vaker kiezen voor een ruimere woning buiten Amsterdam dan voor een kleinere woning in de stad zelf. Zij lopen ertegen aan dat in Amsterdam weinig geschikte (lees: ruime) gezinswoningen worden gebouwd. Tegelijkertijd leidt hun vertrek tot processen van gentrificatie elders in de metropoolregio. Door de toegenomen instroom van kapitaalkrachtige woningzoekenden uit de hoofdstad in wijken in Amstelveen, Hilversum, Haarlem en andere aantrekkelijke plekken in de metropoolregio, stijgen de woningprijzen daar sterk. Voor lagere inkomens is er letterlijk geen plaats meer.
Een glanzende Côte d’Azur
- Miles, J. Once Upon a Time World. The Dark and Sparkling Story of the French Riviera. Atlantic Books, pocket, 454 p. + 16 p. kleurenfoto’s, £ 13.
Burgemeesters zijn vaak belangrijk voor de ontwikkeling van een stad. Zo ook Jacques Médecin, in 1966 gekozen tot burgemeester van Nice. Tal van bouw- en verkeersprojecten werden tijdens zijn regime verwezenlijkt. Maar in de jaren 1980 kwam hij in opspraak. Hij bleek een door en door corrupte man die warme banden onderhield met de georganiseerde misdaad. Aan zijn veroordeling droeg ook de Engelse schrijver Graham Greene bij. Als inwoner van het nabijgelegen Antibes publiceerde hij in de traditie van Émile Zola zijn J’accuse: the Dark Side of Nice (1982).
De Amerikaanse schrijver Jonathan Miles, die eerder een lovend ontvangen werk over Sint-Petersburg schreef, heeft in zijn boek over de geschiedenis van de Franse Rivièra weinig oog voor de donkere kant van de regio, ondanks de belofte in de ondertitel. Médecin krijgt wel aandacht, maar Miles’ belangstelling gaat toch vooral uit naar de sparkling story van de Côte d’Azur. Sinds halverwege de 19e eeuw, eigenlijk sinds de komst van de spoorwegen, trekken de zon, de zee en het landschap van de Rivièra een eindeloze reeks schrijvers, schilders, bohemiens, politici en natuurlijk de jetset, de elite uit Engeland, de adel uit Rusland, de nieuwe rijken uit Amerika. Ze verblijven er in eersteklas hotels en laten er chique villa’s bouwen. Miles vertelt er met smaak over, met veel anekdotes. Beroemde personen, zoals Wallis Simpson (die trouwde met koning Edward VIII) en Grace Kelly (zij huwde prins Reinier van Monaco) krijgen volop de ruimte (inclusief het auto-ongeluk van Kelly), maar ook tal van minder bekende bezoekers en bewoners passeren de revue. Miles heeft oog voor het grotere verband: het gebied tijdens bijvoorbeeld de beide wereldoorlogen en de jaren 30-wereldcrisis komt in afzonderlijke hoofdstukken aan de orde. Voor de ‘gewone’ mensen in de Côte d’Azur is er geen stem. Miles beperkt zich tot the rich and famous.