1 april 2024
Gert-Jan Hospers
Stad en Regio en Radboud Universiteit

Cittaslow

Dit artikel is verschenen in: geografie 2024 | 3
Duurzame ontwikkeling
Kennis
BEELD: CULTUUR IN HET GROEN
Picknicktafel in Midden-Delfland, Cittaslow-gemeente in Zuid-Holland.

stelt ‘het goede leven’ al 25 jaar centraal

Dit jaar viert het Cittaslow-netwerk zijn vijfde lustrum. Gemeenten die er lid van zijn, leggen veel nadruk op duurzaamheid, de kwaliteit van leven en de menselijke maat. Daarmee is Cittaslow verrassend actueel. Wel is het cruciaal om de hele lokale gemeenschap mee te krijgen.

 

In 1999 startte Paolo Saturnini, burgemeester van Greve in de regio Chianti, met een aantal Italiaanse collega’s de beweging ‘Cittaslow: internationaal netwerk van steden van het goede leven’. Doel was het slow food-principe – meer aandacht voor kwalitatief hoogwaardig, lokaal en duurzaam geproduceerd voedsel – toe te passen op het stads- en dorpsleven. En wel in brede zin: van de lokale economie en het sociaal domein tot energievoorziening. Intussen is Cittaslow uitgegroeid tot een wereldwijd netwerk van bijna 300 gemeenten in 33 landen. Vooral in Italië, landen in Noordwest-Europa (waaronder Nederland, zie kader), Polen, Turkije en Zuid-Korea vinden we relatief veel Cittaslow-gemeenten. 

De plaatsen die lid zijn van het netwerk, bouwen aan de kwaliteit van leven van hun inwoners, ondernemers en bezoekers en streven naar een betere balans tussen economie, samenleving en duurzaamheid. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat een gemeente geen nieuwe parkeerplaats voor auto’s aanlegt maar een fietssnelweg. Of dat een burgemeester organisaties oproept zo veel mogelijk lokaal in te kopen. In plaats van trends na te jagen, laten Cittaslow-leden zich leiden door hun lokale identiteit en authenticiteit. Cittaslow is echter niet conservatief. Internationalisering, innovatie en digitalisering worden omarmd, maar op menselijke maat. En al doet het logo met de oranjekleurige slak anders vermoeden, in een Cittaslow leven de mensen niet trager dan elders. Wel staan de bewoners als het goed is wat bewuster in het leven. Ze hebben meer oog voor mens en milieu en koesteren het lokale landschap en erfgoed. 

Lidmaatschapscriteria

Voor het Cittaslow-lidmaatschap geldt een reeks eisen. Om te beginnen mag een deelnemende gemeente niet meer dan 50.000 inwoners tellen. Verder moeten lokale bestuurders het Cittaslow-manifest ondertekenen en een kleine jaarlijkse bijdrage aan het coördinerend comité in Orvieto (Italië) betalen. Maar het belangrijkste is dat de gemeente de Cittaslow-filosofie onderschrijft. Die omvat zeven ‘lidmaatschapscriteria’.

  1. Energie en milieu: denk aan een duurzaam water-, afval- en afvalwaterbeleid en voldoende aandacht voor schone energie en biodiversiteit.
  2. Infrastructuur: investeringen in duurzame logistiek, openbaar vervoer en ruim baan voor voetgangers en fietsers in het verkeer.
  3. Levenskwaliteit: voldoende aandacht voor de openbare ruimte en groenvoorzieningen, zoals pleinen, parken en andere plekken waar mensen kunnen ontspannen.
  4. Landbouw, ambachten en toerisme: promotie van biologische en regionale producten en evenementen die een link hebben met lokale tradities.
  5. Gastvrijheid, educatie en bewustzijn: zichtbaarheid van Cittaslow voor bewoners en bezoekers en een vertaling ervan in een gastvrije cultuur en goede informatievoorziening.
  6. Sociale cohesie: oog voor diverse groepen en hun integratie in de lokale gemeenschap, met bijzondere aandacht voor migranten, gehandicapten en kinderen.
  7. Partnerschap: bereidheid tot samenwerking met regionale en (inter)nationale partijen die zich richten op aspecten die Cittaslow belangrijk vindt. 

Om de status van Cittaslow te kunnen krijgen, moet een gemeente aan minstens de helft van deze criteria voldoen. Het staat leden vrij aan sommige categorieën wat meer aandacht te besteden dan aan andere. Wel zijn er enkele minimumvereisten, zoals een duurzaam afvalwaterbeleid, een eigen regeling om lokale ambachten te beschermen en duidelijke zichtbaarheid van het logo op gemeentelijke websites en in de openbare ruimte. Elke vijf jaar kijkt het coördinerend comité van Cittaslow of de deelnemende gemeenten nog steeds de lidmaatschapscriteria vervullen.

© 2024 GEOGRAFIE & B.J. KÖBBEN
Nederlandse gemeenten met Cittaslow-keurmerk.
Nederland

In 2008 trad Midden-Delfland als eerste Nederlandse gemeente toe tot het internationale Cittaslow-netwerk. Een slimme zet, want daardoor kon de gemeente zich nadrukkelijk als ‘groene oase’ presenteren binnen de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Als pionier werd Midden-Delfland tevens de Cittaslow-hoofdstad van Nederland, met als taak kandidaat-leden te begeleiden bij de aanvraag van het lidmaatschap. Intussen heeft Cittaslow Nederland er negen leden bijgekregen: de gemeenten Westerwolde, Borger-Odoorn en Heerde in het gebied ‘boven de rivieren’ en in het zuiden Alphen-Chaam, Peel en Maas, Echt-Susteren, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem en Vaals. 

Als voorzitter van Cittaslow Nederland heeft Arnoud Rodenburg, voormalig burgermeester van Midden-Delfland, zich met hart en ziel ingezet om het keurmerk te promoten. Zijn vertrek, andere burgemeesterswisselingen en de coronaperiode haalden de kracht uit het nationale netwerk. Voor de leden was dat in 2023 aanleiding een nieuwe impuls aan Cittaslow Nederland te geven. Doel is de kansen die het netwerk biedt meer te benutten, zeker in een tijd waarin brede welvaart, de menselijke maat en sustainable development goals sterk in de belangstelling staan. Een uitdaging voor de gemeenten is echter dat ze klein zijn en vaak de ambtelijke capaciteit missen die nodig is om serieus werk te maken van Cittaslow. 

Berching als voorbeeld

Hoe geven gemeenten invulling aan Cittaslow? De Duitse planoloog Ariane Sept deed onderzoek in Italië en Duitsland, promoveerde op het onderwerp en schreef er meerdere artikelen over. Een mooie case is Berching, een plaats op ongeveer 60 kilometer ten zuidoosten van Neurenberg, midden in het Beierse natuurpark Altmühltal. De gemeente telt bijna 9000 inwoners en heeft behalve de kernstad een groot aantal dorpen. Een bezienswaardigheid is de stadsmuur van Berching uit de 15e eeuw. Het centrum met zijn historische gebouwen, pleinen en straten ademt een middeleeuwse sfeer. Berching ligt aan het Main-Donaukanaal, is rustiek en groen en hecht veel waarde aan lokale culturele tradities. Het gebied is populair bij toeristen uit Duitsland en het buitenland, vooral vanwege de goede fiets- en wandelmogelijkheden. Maar het is geen bestemming voor massatoerisme.

De hoofdreden voor Berching om het Cittaslow-lidmaatschap aan te vragen, was de wens lokale kwaliteiten te behouden en te versterken met een overkoepelend concept. In 2013 ontving de gemeente het keurmerk, waar ze erg trots op is. Dat blijkt onder meer uit de veelvuldige verwijzingen naar Cittaslow op de site berching.de. Ook in het stadsbeeld van Berching vind je het karakteristieke slakkenlogo overal terug, bijvoorbeeld op posters en borden die voetgangers en fietsers wijzen op ‘het goede leven’. Daarnaast spelen horecagelegenheden en het plaatselijke klooster in op het keurmerk. Ze hebben veel aandacht voor slow food en geven er een creatieve draai aan. Zo heeft Berching een brouwerijherberg die gespecialiseerd is in slow brewing.

FOTO: NATURPARK ALTMUEHLTAL/FLICKR
Een van de plekken die in Berching inspelen op het Cittaslow-keurmerk is het Kloster Plankstetten.

Een ander tastbaar resultaat is de ontwikkeling van zogenoemde slow spots in 2017. Dat zijn rustplaatsen in en rond Berching die buiten het stadscentrum liggen. Op deze plekken kunnen inwoners en bezoekers zich volgens de principes van mindfulness focussen op het hier en nu, zich mentaal opladen en inspiratie opdoen. Het slow spots-initiatief komt rechtstreeks voort uit deelname aan het Cittaslow-netwerk, zoals Ariane Sept tijdens haar interviews in Berching ontdekte. Ook achterhaalde ze dat het label voor de gemeente een argument was om bepaalde ruimtelijke ontwikkelingen niet toe te staan. Zo is besloten dat sommige percelen in Berching niet bebouwd mogen worden. Verder geeft het stadsbestuur aan dat de bijeenkomsten van Cittaslow in binnen- en buitenland een hoop inspiratie en leereffecten opleveren. Het netwerk fungeert voor hen als een bron van nieuwe ideeën.

Ook op toeristisch gebied zet Berching het Cittaslow-keurmerk nadrukkelijk in. Op de gemeentelijke website presenteert de stad zich bijvoorbeeld als ‘Cittaslow – niet langzaam, maar minder hectisch. Het gekozen motto weerspiegelt veel van wat de inwoners van Berching al eeuwenlang belangrijk vinden.’ Die gedachtegang is ook terug te vinden in het lokale toeristisch aanbod. Dat is onderverdeeld in de categorieën ‘cultuur en traditie’, ‘regionale identiteit’, ‘levende geschiedenis’, ‘gastvrijheid’ en ‘karakteristiek cultuurlandschap’. Ook bij commerciële reisorganisaties ‘verkoopt’ Berching zich als een minder hectisch oord dan de andere plaatsen in het Altmühltal. In Berching vind je, ver weg van de drukte op de fietspaden in de rest van de regio, nog volop stilte en rust, aldus een beschrijving van fietsvakantieaanbieder Donau Touristik. 

Indirect activisme

In het huidige debat over duurzame ontwikkeling, brede welvaart en ‘de economie van het genoeg’ neemt Cittaslow een interessante positie in. Enerzijds sluit het netwerk aan bij alternatieve concepten zoals transition towns, degrowth en de deeleconomie, waarmee steden volop experimenteren. Anderzijds is Cittaslow beslist niet radicaal, wat mensen zou kunnen afschrikken. Kapitalisme, globalisering en modernisering zijn een gegeven en de leden zetten zich niet af tegen het bestaande systeem. De Engelse antropoloog Sarah Pink heeft Cittaslow dan ook getypeerd als ‘indirect activisme’ en een ‘glokale beweging’, een club die het beste van het mondiale en het lokale combineert. Het aardige van het netwerk is bovendien dat het zich niet richt op één aspect van stedelijke ontwikkeling (bijvoorbeeld economie, milieu), maar breder focust op ‘kwaliteit van leven’. Daaronder vallen allerlei thema’s, van aandacht voor een schonere economie tot een betere balans tussen werk en privé voor bewoners. 

Cittaslow is een 'glokale beweging'

Voor gemeenten is het lidmaatschap van Cittaslow aantrekkelijk. Het kwaliteitslabel stelt bestuurders in staat om prioriteiten in het lokaal beleid aan te brengen en deze van een argumentatie te voorzien. De lidmaatschapscriteria fungeren niet alleen als een checklist voor duurzame lokale ontwikkeling, ze bieden bestuurders tevens een handig afwegingskader en handvatten voor beleid. Verder kunnen Cittaslow-gemeenten met het slakkenlogo abstracte thema’s zoals kwaliteit van leven voor bewoners, ondernemers en bezoekers concreet maken. En omdat ze deel uitmaken van een wereldwijd netwerk van gelijkgestemden, kunnen ze de kunst bij elkaar afkijken. Dankzij bijeenkomsten, uitwisselingen en werkbezoeken verbreden lokale bestuurders hun blik, krijgen ze tips en hoeven ze het wiel niet opnieuw uit te vinden.

Lokaal draagvlak

Toch is 25 jaar Cittaslow niet alleen rozengeur en maneschijn. Zo blijken het enthousiasme en de inzet van individuele lokale bestuurders een grote rol te spelen. Als deze ‘ambassadeurs’ niet langer in functie zijn, kan de aandacht voor Cittaslow verslappen. En hoe zorg je ervoor dat de slow-filosofie een overkoepelend kader wordt in plaats van een verzameling deelprojecten? Veel initiatieven, zoals een slow food-festival, landschapsproject en stiltezone, staan nog op zichzelf en missen samenhang. 

Cittaslow kan zelfs averechts uitpakken: het keurmerk en logo werken namelijk ook als een trigger voor toeristen, waardoor het niet rustiger maar drukker wordt in de gemeente. Dat gebeurt bijvoorbeeld in enkele Turkse plaatsen waar bestuurders Cittaslow soms doelbewust als marketinginstrument inzetten. 

Ook de brede visie van Cittaslow kent nadelen: wat onder ‘het goede leven’ wordt verstaan, is voor vele interpretaties vatbaar. Het is in elk geval meer dan het verheerlijken van slow food door de plaatselijke elite, waarvan soms sprake lijkt te zijn. Een ander punt is dat Cittaslow-gemeenten zelf financiële middelen moeten opbrengen om hun doelstellingen te realiseren. Vaak zijn de plaatsen echter klein en missen ze het budget om de ambities (bijvoorbeeld rond energie en infrastructuur) waar te maken. Het is ook niet vanzelfsprekend dat alle locals enthousiast zijn over het Cittaslow-label. Sommige ondernemers zijn bijvoorbeeld bang dat het slakkenlogo een negatief beeld oproept: alsof de gemeente niet vooruit wil. Dit zijn allemaal punten die aantonen hoe belangrijk het is de gemeenschap te betrekken bij het Cittaslow-proces, van de aanvraag tot de uitvoering. Het succes van Cittaslow staat of valt met lokaal draagvlak.