20 april 2026

Zes weken op expeditie tussen het smeltende zee-ijs op de Noordpool

Onderzoek
Reisverslag
Noordpool
Kennis
FOTO: ADAM ANDERSSON
De Zweedse ijsbreker Oden breekt door het zee-ijs van de Noordelijke IJszee.

Aan boord van de Zweedse ijsbreker Oden, midden in een ogenschijnlijk eindeloze wereld van zee-ijs, werd ik met de neus op de feiten gedrukt. Op de Noordpool vindt een verandering in een ongekend tempo plaats, en wij waren er om die van dichtbij te meten. 

 

Terwijl ik voor het eerst vanaf het schip het ijs op stapte, klonk de hoorn van de Zweedse ijsbreker triomfantelijk. We waren aangekomen op de geografisch noordpool, op precies 90 graden noorderbreedte! Om me heen wapperden de vlaggen van meer dan vijftien landen, er werd gevoetbald en onze ijsbeerwachten stonden op de uitkijk. Hier, op het meest noordelijke puntje van onze planeet, waar alle lengtegraden elkaar ontmoeten, de wind technisch gezien altijd uit het zuiden komt en de zon geen dag- en nachtcyclus heeft, voelde het alsof wij het enige leven op aarde waren. Toch klopte er iets niet helemaal aan dit plaatje.

Hier, op het meest noordelijke puntje van onze planeet, voelde het alsof wij het enige leven op aarde waren

Om de onherbergzame noordpool te bereiken, moet de Oden gewoonlijk door 2 meter dik zee-ijs heen breken. Dat zorgt voor knallende geluiden en vibraties op het schip. Maar tijdens onze reis naar het Noordpoolgebied was het ijs voornamelijk slap en dun, grote stukken ijs voeren we gewoonweg doormidden. Hoewel dit niet uitzonderlijk is aan het einde van het smeltseizoen, bereikten we 90°N enkele dagen sneller dan de Oden dat jaren eerder deed. Het zee-ijs verdwijnt in een schrikbarend tempo. En niet alleen 's zomers: ook maart 2026 brak opnieuw een record met het minste winterijs ooit gemeten. 

BEELD: FEMKE DEN OUDEN
Kaart van de Noordelijke IJszee met in het rood de route van de Zweedse IJsbreker Oden.

Van Utrecht naar de Noordpool

Al op jonge leeftijd was ik gefascineerd door de poolgebieden en de oceaan. Ik kon uren luisteren naar de stem van David Attenborough en mijn bed lag vol met ijsbeer- en walvis knuffels. Gedreven door deze passie en mijn zorgen over klimaatverandering begon ik aan de masteropleiding Marine Sciences aan de Universiteit Utrecht. Daar specialiseerde ik me in fysische oceanografie en poolwetenschappen. 

Tijdens mijn opleiding kwam ik een oproep tegen voor een Early Career Researchers onderzoeksschool in het Noordpoolgebied. Ik twijfelde geen moment. Uit meer dan 250 kandidaten werd ik geselecteerd en begin augustus 2025 vertrok ik naar Spitsbergen, waar de Canada-Sweden Arctic Ocean 2025 (AO25) expeditie begon. Het hoofddoel van de expeditie met twee schepen was om de zeebodem van de Noordelijke IJszee in kaart te brengen. 

Aan boord van de Zweedse ijsbreker vond tegelijkertijd een uitgebreide onderzoeksschool plaats. Master- en PhD-studenten uit de hele wereld vormden een multidisciplinair team onder begeleiding van ervaren wetenschappers. We kregen college over het Arctische klimaatsysteem, droegen bij aan een gezamenlijk eindrapport en deden allerlei metingen: van weerballonnen oplaten en waterprofielen meten, tot sediment- en ijskernen boren. Allemaal om de volgende generatie poolwetenschappers op te leiden én broodnodige basismetingen te doen in een gebied waar in situ observaties schaars zijn en de klimaatverandering razendsnel gaat. 

FOTO: MICHAEL TJERNSTRÖM
Alle Early Career Researchers van de onderzoeksschool in de haven van Spitsbergen.

Deze interdisciplinaire aanpak is een noodzaak: de Noordelijke IJszee is een complex systeem waar oceaan, zee-ijs, atmosfeer, bodem, chemie, en biologie onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Om de veranderingen in het Arctische gebied te begrijpen en te voorspellen in de toekomst moeten we het vanuit alle hoeken tegelijk bestuderen. 

Het leven op de Oden

Verder van de bewoonde wereld konden we bijna niet zijn. Zes weken lang geen internet en videobelletjes naar huis, alleen maar ijs en elkaar. Met de zeventig mensen aan boord groeiden we uit tot een hechte gemeenschap. Elke ochtend begon met een gezamenlijk ontbijt, de planning van de dag en een weerbericht van onze eigen meteoroloog, want buienradar bestaat voor de Noordpool niet. 

Naast het wetenschappelijke werk was er ook tijd voor plezier. Er was een sportschool om fit te blijven, elke avond draaide er een film in de scheepsbioscoop en, zoals het een Scandinavisch schip betaamt, was er sauna om op te warmen na de ijzige kou. We vierden een traditioneel Zweeds rivierkreeftjesfeest, streden om de winst in een pingpongtournooi in de helikopteropslag en elke zaterdagavond gaf ik salsales.

Maar het allerliefst was ik buiten te vinden, want de schoonheid van de omgeving was adembenemend. Door de middernachtszon was het altijd licht, ik heb 40 dagen geen donker gezien. Wanneer de dikke Arctische mist wegtrok verschenen er mistbogen – witte regenbogen – en kringen en parhelia (bijzonnen) om de zon. Tegen het einde van de expeditie zakte de zon lager naar de horizon en leverde dat zonsondergangen op die uren duurden. Ook het zee-ijs was fascinerend want geen twee ijsschollen zijn hetzelfde: van flinterdunne laagjes die in perfecte geometrische vormen uiteen breken en drijvende pannenkoekjes van nieuw ijs, tot twee meter hoge drukruggen die de Oden een andere koers opdwongen. 

FOTO: LORENZO DONATE
Adembenemende uitzichten over het zee-ijs met twee parhelia om de zon.
Twee fotos: links kringen om de zon, rechts mistboog achter de helikopter
FOTO'S: FEMKE DEN OUDEN (LINKS) / MIKAEL FRIBERG (RECHTS)
Prachtige verschijnselen in het Noordpoolgebied: een kring om de zon (links) en een mistboog (rechts).
FOTO: VINCENT DORIOT
Oog in oog met twee ijsberen.

Het hoogtepunt van mijn expeditie kwam toen ik een belletje van de brug kreeg en wist dat ik meteen naar buiten moest. Terwijl we langzaam door het water voeren stonden we oog in oog met twee ijsberen: een moeder met een twee jaar oud jong die ons op zo’n 30 meter afstand nieuwsgierig in de gaten hielden. 

Noordpoolonderzoek

De Noordelijke IJszee ondergaat een ongekende transformatie. Door een verschijnsel dat wetenschappers Arctic Amplification noemen, warmt de Noordpool drie tot vier keer sneller op dan de rest van de wereld. Dit heeft grote gevolgen: er is minder zee-ijs dat ook nog eens dunner en jonger wordt en de wisselwerking tussen oceaan en atmosfeer verandert fundamenteel. Tegelijkertijd dringt relatief warm en zout Atlantisch water steeds verder de Noordelijke IJszee binnen, een proces dat Atlantificatie wordt genoemd en meer energie voor het smelten van ijs naar het Noordpoolgebied brengt. Ook de zoetwatercyclus versnelt; smeltend zee-ijs, Arctische rivieren, gletsjers en meer neerslag voeren steeds meer zoetwater aan. 

Arctic Amplification

Een verschijnsel waarbij op hoge breedtegraden een snellere opwarming plaatsvindt door klimaatverandering dan op lagere breedtegraden. Dit komt doordat warmte vanaf de evenaar naar de polen wordt getransporteerd via de oceanen en luchtstromen en een combinatie van sneeuwbaleffecten waar ijs, sneeuw, atmosfeer en oceaan op zo’n manier op elkaar inwerken dat opwarming versnelt zodra deze begonnen is. 

Al deze verschijnselen hebben grote lokale gevolgen maar beïnvloeden ook het mondiale klimaat. De grotere hoeveelheid zoetwater versterkt de stratificatie (gelaagdheid) in de oceaan en beïnvloedt stromingen tot op grote diepte. Zo wordt bijvoorbeeld oppervlakte- en diep water minder gemixt, waardoor de oceaan minder CO2 kan opnemen en er minder nutriënten beschikbaar zijn voor organismen. Ook betekent minder zee-ijs meer open water wat het albedo-effect afzwakt en daardoor zorgt voor een verdere opwarming van de aarde en sterkere wisselwerking tussen oceaan en atmosfeer, wat bijdraagt aan extremere neerslagpatronen in Europa.

Vier foto's van verschillende soorten zeeijs
FOTO'S: LORENZO DONATI & DANIEL RUDBACK
Verschillende soorten zee-ijs: v.l.n.r. dik pak ijs, smeltplassen, net gevormd pannenkoek ijs & ijsschollen in verschillende groottes vanuit de lucht.

Om deze veranderingen te begrijpen zijn metingen ter plekke onmisbaar, maar die zijn schaars. De Noordelijke IJszee is een van de minst bemeten gebieden op aarde. Het ijs maakt het gebied het grootste deel van het jaar onbereikbaar, zelfs voor ijsbrekers, en schermt het onderliggende water ook af voor metingen met satellieten. 

Voor een van de dataverzamelingen werd ik per helikopter naar het zee-ijs gebracht – één van de hoogtepunten van mijn expeditie. We controleerden eerst op ijsbeersporen, landden op het ijs en gingen aan de slag. We boorden ijskernen om verticale profielen van temperaturen, zoutgehalte, en biologische activiteit in het ijs te meten. Met andere instrumenten observeerden we de dikte van de sneeuw en het ijs, maten de turbulentie van het water onder het ijs, en volgden hoe het ijs drijft door middel van GPS-boeien. 

FOTO: FLORENCE BEAUDRY
Het ijs-team op een ijsstation met de helikopter.

Isotopen: een vingerafdruk van water

Mijn werkgroep op de Oden onderzocht stabiele waterisotopen (zie kader), die fungeren als een soort vingerafdruk. Ik mat continu de isotopische samenstelling van het zeewater aan het oppervlak door water van onder het schip het lab in te pompen. Dit leverde het eerste hoge resolutie isotopen-transect over de gehele Noordelijke IJszee op. Daarnaast maten we waterisotopen op verschillende dieptes via een CTD (Conductivity Temperature Depth), een instrument dat onderweg naar de bodem temperatuur, zoutgehalte en diepte meet en watermonsters verzamelt. Tenslotte verzamelden we monsters van regenbuien, zee-ijs, en sneeuw. 

Door de vingerafdrukken te ontcijferen kunnen we achterhalen waar het oppervlaktewater op ons transect uit bestaat en kunnen we achterhalen hoe de watercyclus verandert. Zo kunnen we zien hoe ver aangevoerd rivierwater en het warme Atlantische water de IJszee instromen en berekenen we hoeveel smeltwater er in het oppervlaktewater zit. 

Waterisotopen

Zuurstof en waterstof komen voor in licht en zware varianten, afhankelijk van de hoeveelheid neutronen in een molecuul. De verhoudingen tussen deze lichte en zware moleculen komen in verschillende verhoudingen voor, en die verhouding verandert tijdens de reis van water door de atmosfeer en de oceaan. Dit noemen we stabiele waterisotopen.

De toekomst

De expeditie bevestigde wat ik al vermoedde: ik wil dit onderzoek in. De komende tijd analyseer ik de isotopen-data van de Oden verder en ben ik op zoek naar een PhD in poolwetenschappen. Want ook al zag ik daar met eigen ogen hoe snel het systeem verandert en stemmen de cijfers mij treurig, is dat geen reden om de handdoek in de ring te gooien. In tegendeel, de Noordpool is een van de meest adembenemende en klimaatrelevante plekken op aarde. Hoe meer mensen dat zien — in de data, in een documentaire, of via een artikel als dit — hoe groter de kans dat we er ook echt iets aan doen.

Vier foto's van onderzoek op de noordpool
FOTO'S: FEMKE DEN OUDEN & NEIL BRUBACHER
Onderzoek doen vanaf de Oden: Het CTD instrument wordt overboord getakeld (linksboven), sneeuwdiktes worden genoteerd terwijl de ijsbeerwacht op de uitkijk staat (rechtsboven), verzamelen van de hoge resolutie isotoop data (linksonder) & het drillen van ijskernen op het zee-ijs (rechtsonder).

Femke den Ouden studeerde MSc Marine Sciences aan de Universiteit Utrecht, met een specialisatie in fysische oceanografie en poolonderzoek. Als extra afstudeerproject deed ze onderzoek naar watermassa’s en zee-ijssmeltwater in het Noordpoolgebied.

BRONNEN:

Rantanen, M., Karpechko, A. Yu., Lipponen, A., Nordling, K., Hyvärinen, O., Ruosteenoja, K., Vihma, T., & Laaksonen, A. (2022). The Arctic has warmed nearly four times faster than the globe since 1979. Communications Earth & Environment, 3(1), 168. https://doi.org/10.1038/s43247-022-00498-3

Kopec, B. G., Klein, E. S., Feldman, G. C., Pedron, S. A., Bailey, H., Causey, D., Hubbard, A., Marttila, H., & Welker, J. M. (2024). Arctic Freshwater Sources and Ocean Mixing Relationships Revealed With Seawater Isotopic Tracing. Journal of Geophysical Research: Oceans, 129(7), e2023JC020583. https://doi.org/10.1029/2023JC020583