Een kaart maakt niet álles duidelijker

23 december 2022
Auteurs:
Dit artikel is verschenen in: geografie januari 2023
stikstof
cartografie
Opinie
BEELD: BEELDBEWERKING/ISTOCK • KAART: RIJKSOVERHEID

Een kaart zegt meer dan duizend woorden. Maar misschien moet je niet álles willen vertellen. Zoals op de beruchte ‘stikstofkaart’ van Nederland.

Dit is de vierde bijdrage in de rubriek ‘Open kaart’, van Bart Roelofs, PhD-student met specialisatie gezondheidsgeografie en GIS, aan de Rijksuniversiteit van Groningen.

De stikstofcrisis staat hoog op de publieke agenda. Een zeer complex vraagstuk, waarbij een kaart goed kan helpen om de situatie beter te begrijpen, of in ieder geval te verduidelijken. Dit blijkt echter niet zo eenvoudig: de veelbesproken kaart van stikstofminister van der Wal heeft meer verwarring gebracht dan duidelijkheid. Om een vergelijkbare situatie in de toekomst te voorkomen, volgen hier een paar punten om rekening mee te houden als je een kaart tekent.

#1 Houd het simpel

Een van de grootste missers van de stikstofkaart is dat deze té gedetailleerd is. Voor een kaart die in eerste instantie werd omschreven als ‘een houtskoolschets en een vertrekpunt’, bevat deze enorm veel details. Een gevolg van dit detailniveau is dat lezers op zoek gaan naar hun plek op de kaart. Maar wanneer de kaart daarvoor niet gedetailleerd genoeg is, resulteert dat in vragen als: woon of werk ik nou in een gebied waar de stikstof 12% of 58% omlaag moet?

#2 Gebruik een gepast kleurenschema

De legenda van de stikstofkaart laat een schaal van oplopende percentages zien. De gekozen kleuren lijken echter geen of weinig overeenkomst te hebben met de getallen. In dit geval had een continue schaal in hetzelfde kleurenschema voor een rustiger, beter te begrijpen kaart gezorgd. De combinatie van groen, geel, blauw, paars en roze schept verwarring. Het is niet in één oogopslag duidelijk in welke gebieden de stikstof het meest omlaag moet en in welke minder.

#3 Wees zuinig met tekst

Op de stikstofkaart staat een tekst van meer dan 250 woorden. Deze legt uit hoe je de kaart moet interpreteren en geeft een vorm van nuance: de stikstofkaart geeft enkel sturing en er kan, mits goed onderbouwd, van worden afgeweken. Maar zo werkt dat niet met kaarten. Die stralen, vaak onopgemerkt, een vorm van autoriteit uit. Met als gevolg dat ze, gemakkelijker dan een geschreven of gesproken tekst, voor waarheid worden aangenomen. Helemaal in het geval van een gedetailleerde kaart. Wanneer er een grote tekst nodig is om een lezer de kaart goed te laten begrijpen, is de kaart misschien niet het beste medium om de boodschap over te brengen.

Naast deze punten zijn er nog tal van andere zaken die belangrijk zijn om rekening mee te houden bij het maken van een kaart. In een tijd waarin veel niet-geografen zich daaraan wagen, lijkt het me een goed moment voor een nationale opfriscursus cartografie. Ik heb de titel voor de cursus al bedacht: ‘Een kaart zegt misschien meer dan duizend woorden, maar is niet altijd de oplossing.’