30 april 2026

Kovvie, thee of kouke?

Veerkrachtig platteland
Leefbaarheid
Groningen
Kennis
BEELD: BO TUKKER
Bo Tukker met de klomp-fietsmethode in zijn onderzoeksgebied

De kracht van ontmoeting en gesprek

Bo Tukker fietste door de gemeente Het Hogeland in Noord-Groningen. Hoe houden inwoners zich daar staande in een samenleving die verandert door krimp, vergrijzing, verdwijnende voorzieningen, en nieuwkomers? Hij ontdekte de kracht van ontmoeting en gesprek.

 

Het platteland van Noord‑Groningen staat bekend om de rust, ruimte en weidsheid. Maar daarachter schuilt een samenleving die sterk aan het veranderen is. Krimp, vergrijzing, verdwijnende voorzieningen en de komst van nieuwe inwoners met andere verwachtingen zetten de leefbaarheid van dorpen onder druk. Tegelijkertijd vormt juist het Hogelandster landschap, met akkers, dijken en eindeloze horizonten, de belangrijkste reden waarom mensen ervoor kiezen om hier te wonen.

Hoe bewoners zich staande houden in die dynamiek, was de centrale vraag in mijn onderzoek voor de gemeente Het Hogeland. Wat begon met informele gesprekken op klompen en op de fiets, groeide uit tot een samenkomst in het dorpshuis van Warfhuizen, die liet zien hoe kleine ontmoetingen grote invloed kunnen hebben op de sociale samenhang.

Meer dan voorzieningen

Bij leefbaarheid wordt meestal gedacht aan bereikbaarheid en voorzieningen. In Het Hogeland ligt dat anders. Veel nieuwe bewoners kiezen bewust voor de leegte: zij ervaren de stilte, ruimte en uitzicht hier als kwaliteit. Toch ontbreekt soms iets anders, namelijk ontmoeting. Jongeren trekken weg, nieuwkomers vinden niet vanzelfsprekend aansluiting, en lokale initiatieven komen niet altijd van de grond. Tijdens gesprekken hoorde ik regelmatig termen als ‘wij en zij’, ‘import en export’ en ‘echte Groningers’. Vaak met een knipoog uitgesproken, maar daaronder liggen diepere vragen over identiteit en verbondenheid. Wie hoort bij het dorp en wie blijft er toch een beetje buiten staan?

Op de fiets 

Om dit beter te begrijpen, koos ik voor een laagdrempelige aanpak. Ik ging met mijn klompen op de fiets op pad. Ik wilde geen formele onderzoeker zijn die vragen kwam stellen, maar als dorps- en streekgenoot mensen benaderen. Op die manier ontstonden gesprekken op erven, bij de bakker, langs de weg of tijdens het fietsen. Bewoners spraken openhartig over hun leven, zorgen, ritmes en hun band met het landschap.

Bewoners in dezelfde straat bleken nauwelijks met elkaar te spreken

In de gesprekken kwam naar voren dat mensen zich sterk verbonden voelen met de omgeving waarin ze wonen. Tegelijkertijd maken ze zich zorgen over krimp, verkeersveiligheid en verdwijnende voorzieningen. Ook bleek dat er sociale scheidslijnen lopen tussen groepen inwoners. Groepen die elkaar weinig tegenkomen. Maar in al die gesprekken ontdekte ik vaak meer gedeelde waarden en zorgen dan dat ze zelf denken. Voor mij werd dat ook duidelijk in het straatbeeld: zelfgemaakte snelheidsborden, kraampjes langs de weg, protestposters en andere tekens van lokale betrokkenheid.

Vergrootglas

Het Hogeland is een grote gemeente met 51 kernen en 48.190 inwoners in 2025. Ik koos ervoor het onderzoeksgebied te verkleinen naar één dorp: Warfhuizen, met ongeveer 250 inwoners. Ook hier fietste ik door het dorp en ging met mensen in gesprek. In dit dorp werd zichtbaar dat verschillende sociale werelden naast elkaar bestaan. Van nieuwe en oude import, geboren Groningers, gezinnen, mensen die rust zoeken en mensen die juist verbinden. Elke groep heeft een eigen sociaal netwerk en gebruiken. Bewoners vertelden dat ze soms in dezelfde straat wonen, maar nauwelijks met elkaar in gesprek komen.

Die sociale scheidslijnen worden niet bewust in stand gehouden, maar zijn historisch of toevallig gegroeid. Juist doordat ze zo vanzelfsprekend zijn, vormen de scheidslijnen zelden onderwerp van gesprek. Toch bepalen ze sterk of en hoe mensen samenwerken, deelnemen aan dorpsactiviteiten of zich thuis voelen. Vanuit systeemdenken, zoals beschreven door de Amerikaanse milieuwetenschapper Donella Meadows, werd duidelijk dat duurzame verandering begint bij het beïnvloeden van beelden en aannames. Niet via regels of structuren, maar via de manier waarop mensen elkaar zien.

Gouden ticket

Vanuit die gedachte organiseerde ik een laagdrempelige samenkomst in het dorpshuis van Warfhuizen. Het doel was bewoners in een veilige, informele setting bij elkaar te brengen om samen te ontdekken wat zij gemeen hebben. In plaats van een aankondiging in de dorpsagenda ging ik langs de deuren met gouden tickets. Dit maakte de uitnodiging anders dan normaal. En zorgde ervoor dat bewoners die normaal niet naar bijeenkomsten komen, zich toch uitgenodigd voelden. Het is immers bijzonder een gouden ticket te krijgen.

BEELD: BO TUKKER
Poster die de drie deelnemers van een groepje gezamenlijk invullen tijdens de bijeenkomst
BEELD: BO TUKKER
Deelnemers in dorpshuis De Warf in Warfhuizen

Koffie, thee en koek

Die avond kwamen negen inwoners naar het dorpshuis. Het was een gemengde groep mensen, van wie sommigen nog nooit bij een dorpsactiviteit aanwezig waren geweest. Binnen enkele minuten ontstonden spontane gesprekken en werd er veel gelachen. De startvraag over koffie, thee of koek bleek een ideale ijsbreker. 

Tijdens de bijeenkomst vormden inwoners gemengde groepjes van drie. Ze kregen een grote poster met daarop de opdracht een persona te tekenen van elke dorpsgenoot in het groepje.  De startvraag was luchtig: of iemand een koffiemens, theemens of koekjesliefhebber was. Maar al snel verdiepten de gesprekken zich en gingen de groepjes in op hobby’s, waarden, drijfveren en verwachtingen. Na afloop reageerde de beschreven dorpsgenoot zelf op de gemaakte inschattingen. Soms klopten die verrassend goed, soms zaten deelnemers er volledig naast. En dat leidde tot nieuwsgierigheid, humor en reflectie.

Tijdens de gezamenlijke terugkoppeling werd duidelijk dat bewoners veel meer gedeelde waarden hebben dan verwacht. De meeste deelnemers bleken in Warfhuizen te wonen vanwege de omgeving en vrijwel iedereen noemde verkeersveiligheid als belangrijke zorg. Het inzicht dat aannames vaak niet kloppen, maakte de deelnemers bewuster van het eigen perspectief. Een deelnemer die normaal niet in het dorpshuis te vinden was, kondigde aan dat hij voortaan graag bij de dorpsborrel aanwezig wilde zijn.

De groep bleef nog lang napraten en het was een gezellige avond. Mensen wisselden ervaringen uit, deelden telefoonnummers en je zag nieuwe verbindingen ontstaan. Wat als oefeningen begon, werd al snel een echt gesprek over wonen, leven en samenleven in het dorp.

De aanpak werkt

De kracht van deze interventie ligt in de eenvoud. De werkwijze vraagt geen voorkennis, voelt veilig en nodigt uit tot herkenning en humor. Mensen praten eerst over een ander, wat de drempel verlaagt, en stappen daarna vanzelf in het gesprek over naar zichzelf. Hierdoor ontstaat perspectiefwisseling: bewoners kijken even met de ogen van iemand anders. En koppelen dit later aan het eigen perspectief.

Deze werkvorm functioneert als een boundary object, een gedeelde activiteit die verschillende sociale werelden met elkaar verbindt zonder dat die hun eigenheid hoeven te verliezen. Dat maakt de interventie niet alleen toegankelijk, maar ook krachtig.

Opbrengst voor gemeenten

De casus Warfhuizen laat zien dat leefbaarheid niet alleen gaat over voorzieningen of infrastructuur, maar vooral over de sociale laag. Gemeenten kunnen veel winnen door ook ruimte te maken voor kleine, terugkerende ontmoetingen die bijdragen aan meer wederzijds begrip. Verhalen van inwoners kunnen als waardevolle zachte data dienen, naast cijfers en kaarten. Dorpshuizen kunnen plekken zijn voor laagdrempelige ontmoeting, zeker wanneer bewoners persoonlijk worden benaderd. Zo ontstaat een inclusiever proces waarbij je ook mensen bereikt die anders buiten beeld blijven.

Leefbaarheid bestaat niet uit definities of beleidsnota’s, maar uit ontmoetingen tussen mensen. Soms is er niet meer nodig dan koffie, thee en koek en een pakkende uitnodiging. Zo kunnen bewoners uit uiteenlopende werelden met elkaar in gesprek komen. In een tijd waarin het platteland verandert, vormt juist dit soort kleine interventies met echte aandacht de basis voor vertrouwen, verbondenheid en samenwerking. En vaak begint dat simpelweg met de vraag: drinkt dien naober kovvie, thee of het hai liever een kouke?

Bo Tukker rondde met zijn afstudeeronderzoek Design Journey ‘Casus leefbaarheid van Het Hogeland’ de master Design Driven Innovation van NHL Stenden in Leeuwarden af. Hij won hiervoor eind 2025 de Scriptieprijs voor het platteland van de Landelijke Vereniging voor Kleine Kernen (LVKK) in de categorie hbo. 

BRON:

Meadows, D.H. (1999) Leverage Points: Places to Intervene in a System. Hartland (VT): Sustainability Intitute.